Wozzol

Controleer altijd of een woordenlijst correct is voordat je hem gaat leren.

  • Italiaans Nederlands
  • il controllore = de conducteur
  • Biglietti, prego … = Kaartjes, alstublieft …
  • il biglietto = het kaartje
  • Per Senigallia devo cambiare? = Moet ik voor Senigallia overstappen?
  • per = voor
  • cambiare = overstappen
  • con = met
  • Vai a Senigallia? = Ga je naar Senigallia?
  • vado a Bologna = ik ga naar Bologna
  • andare a trovare qn = iem gaan opzoeken / iem opzoeken
  • come mai = waarom / hoezo
  • per lavoro = voor het / mijn werk
  • il lavoro = het werk
  • Beh, veramente … = Tja, eigenlijk …
  • veramente = eigenlijk
  • ancora = nog
  • l'estate = de zomer
  • l'albergo = het hotel