Wozzol

Controleer altijd of een woordenlijst correct is voordat je hem gaat leren.

  • Italiaans Nederlands
  • che profumino = wat ruikt het lekker
  • gli gnocchi alla romana = gnocchi op Romeinse wijze
  • È una vita che … = Het is al heel lang geleden dat …
  • siccome = aangezien / daar (aan het begin van een zin)
  • riempire = vullen
  • accendere = aanzetten / aandoen
  • Quanto tempo ci vuole ancora? = Hoelang duurt het nog?
  • volerci = nodig zijn / duren
  • quasi = bijna / haast
  • apparecchiare / apparecchiare la tavola = tafeldekken
  • chiamare qn = iem bellen
  • qui sotto = voor het huis
  • meno male = gelukkig maar
  • Sto morendo dalla fame. = Ik sterf van de honger.
  • morire = sterven
  • il bianco / il vino bianco = de witte wijn